Highlights & Notes
Hoe meer je vordert, des te meer realiseer je je dat dit [je persoon] niet je ware zelf is maar een stel kunstmatige neigingen en trekjes die je zolang hebt gekoesterd tot het je tweede natuur is geworden en daardoor jou lijkt te zijn.
Onbewust heb je het idee dat dit ware zelf zo verheven, zo heilig is dat het volslagen vreemd voor de jij is waarmee je vertrouwd bent. Dit beangstigt je niet alleen een beetje, het ontmoedigt je ook. En dat is een van de grootste struikelblokken bij het op zoek gaan naar je ware zelf.
Je misvatting over goddelijke volmaaktheid leidt aan de ene kant in jou tot verstarring en gedwongenheid en aan de andere kant tot rebellie daartegen.
Het gaat nooit om wát je doet maar om hoe je het doet.
Een daad die door de hele wereld wordt goedgekeurd en in overeenstemming met alle spirituele wetten is, is misschien wel niet oprecht.
Dan is het niet je ware zelf dat handelt, hoe volmaakt de handeling uiterlijk ook moge zijn.
Aan de andere kant kan wat je doet ook door de hele wereld worden veroordeeld.
Maar in jouw huidige situatie is het niet alleen onvermijdelijk maar zelfs noodzakelijk. Je laat jezelf zien zoals je bent, in overeenstemming met je aard en je innerlijke wijze van groeien.
Als je het er met jezelf over eens bent, er de volle verantwoordelijkheid voor neemt, bereid bent voor de gevolgen ervan in te staan, dan is deze onvolmaakte daad volmaakter en meer in overeenstemming met jouw waarheid dan de eerdergenoemde. Het is niet gemakkelijk om dit te begrijpen; het vraagt een zeker inzicht en een bepaalde ontwikkeling. Er kan beslist niet zomaar en op een onverantwoorde manier mee worden omgegaan. Het moet ook niet met kinderlijke eigenzinnigheid worden verward, dat altijd iets voor niets wil krijgen.
Laten we nu proberen het verschil tussen je echte ware zelf en het oppervlakkige zelf vast te stellen - hoe moeilijk dat ook in woorden is uit te drukken. Als je vanuit je ware zelf handelt, ben je totaal één met jezelf. Er is geen twijfel, geen verwarring, geen onrust, geen spanning. Je maakt je niet druk over wat anderen ervan zullen vinden. Je maakt je ook niet druk over principes of regels. Je bekommert je alleen om de uitwerking die jouw handelen op anderen en op jezelf heeft, om de gevolgen. En al zie je dat het niet volmaakt is, je hebt voor dit alternatief gekozen omdat het jou minder onvolmaakt lijkt dan welk ander alternatief ook. Het stemt overeen met jouw meest eigen aard. Dit gaat natuurlijk niet op voor grove destructieve daden.
Deze werkwijze vraagt moed - moed omdat je de verantwoordelijkheid voor de gevolgen op je neemt. Het vraagt moed omdat je de afhankelijkheid van regels en voorschriften doorbreekt en zo je afhankelijkheid van de waardering van de buitenwereld opgeeft, moed om een fout te durven maken als dat nodig is en wijsheid omdat je weet dat de fout op zich niet zo belangrijk is maar wel hoe jij er tegenover staat.
Het oppervlakkige zelf kan soms iets doen dat volgens alle van kracht zijnde regels juist is. Toch voel je je verward. Daarom ben je onrustig. Aan de andere kant is een tegenovergestelde koers duidelijk destructief en hoewel je die koers misschien nog wel zou willen volgen, weerhoud je jezelf ervan omdat je anderen geen kwaad wilt doen. Je bent in tweestrijd. Dit duidt erop dat beide alternatieven die je voor je ziet vanuit het zicht van het oppervlakkige zelf komen.
Beide alternatieven zijn ook onoprecht, elk op hun eigen manier. Het ene omdat je net als een gulzig kind wil hebben, wil graaien en het andere omdat je je liever maar gewoon wil schikken en gehoorzamen dan uit overtuiging te handelen. Als je in crisis en verwarring bent, bevind je je in precies die hachelijke situatie. De verwarring wordt alleen maar groter als je je niet helder bewust van deze zaken bent. De eerste stap is om zo beknopt mogelijk duidelijk te krijgen waar het om gaat. Zelfs voor je tot een oplossing van dit conflict kunt komen - want een uitweg heb je dan nog niet gevonden - brengt dit al opluchting omdat je nu tenminste duidelijk ziet waar het allemaal om gaat.
Waar ik het over daden en handelingen heb, bedoel ik niet alleen uiterlijke handelingen. Elke gedachte, emotie, houding, elke innerlijke beslissing en elk innerlijk gedragspatroon is ook een daad. En daden die uit het uiterlijke zelf voortkomen, leiden je altijd in een val.
Het kan ook zijn dat beide alternatieven alle betrokkenen even onvoldaan laten. Daardoor voel je je hulpeloos. Je hoopt en verwacht dat het leven je misschien een oplossing biedt, want jij kunt er geen kant mee op. Deze hulpeloosheid en zwakte zijn - we hebben het er al eerder over gehad - een teken dat we hier met het onvolwassen, vervormde deel van je persoonlijkheid te maken hebben. Waar je volwassen en heel bent, ben je nooit afhankelijk van uiterlijke omstandigheden. Je kunt de situatie aan en zelfs al is een bepaalde weg moeilijk, je hebt helemaal vrede met jezelf.
Voor je kiest, kun je door verschillende stadia van innerlijke strijd heen gaan. Je probeert door allerlei denkprocessen, door verstandelijke overwegingen aangepast aan de uiterlijke situatie tot een oplossing te komen. Maar op die manier kom je er niet uit, hoeveel wijsheid en waarheid je ook om je heen hoort en in je probeert op te nemen. Binnenin je blijft er iets op slot. Je bent niet in staat om uit deze verwarring, deze val te komen.
Beste vrienden, altijd wanneer je hopeloos in een situatie vastzit waarin alle beschikbare alternatieven onbevredigend zijn, wordt dit veroorzaakt doordat je ware zelf zich niet kan laten horen en je niet kan leiden. De enige manier om je ware zelf weer voldoende vrij te maken en ruimte te geven, is jouw specifieke punt van loslaten te vinden dat juist ergens in het probleem moet schuilen waar je nu zo mee zit. Als je dit punt van loslaten eenmaal hebt gevonden zullen zich geleidelijk weer twee alternatieven aandienen: het ene is vasthouden aan een star principe - het kan een algemeen principe zijn of een principe van jezelf - het andere alternatief is je ware zelf dat een manier ziet die misschien nu onvolmaakt is maar waarbij je bereid bent het erop te wagen, met alles wat eraan vastzit.
Blijf je bewust van het feit dat je de vrede, de kracht en het zelfvertrouwen die uit jouw eigen zelf voortkomen alleen bereikt door je punt van loslaten te vinden.
Als je dus in een crisis vol verwarring klem zit, je gevangen voelt in hulpeloosheid, moet je er tenslotte wel achter komen dat er iets is waaraan je je vastklampt, iets waarvan je denkt dat je het moet hebben. Er is dan altijd een sterke behoefte, een echte of een valse die een vervanging is van de echte.
De prijs die je tot dusverre voor dit vasthouden waar je had moeten loslaten hebt betaald is gigantisch. Je verspeelt er de vrede, de kracht, het zelfvertrouwen mee en je maakt het jezelf onmogelijk je met een werkelijke behoefte bezig te houden en die te vervullen.
De onbewuste weerstand tegen het loslaten is de belangrijkste reden voor je minderwaardigheidsgevoelens, zelfverachting, schuld, zwakte, onvervulde behoeften - en vele uiterlijke wrijvingen en problemen die daar uiteindelijk het gevolg van zijn.
Wat de moderne psychologie ‘neurotisch’ noemt, is in feite niets anders dan wat religie en spiritualiteit ‘zondig en kwaad’ noemen.
Aan de ene kant zijn het je destructieve schuldgevoelens en aan de andere kant je neiging tot moraliseren en je geïdealiseerde zelfbeeld die de termen ‘zonde’ en ‘kwaad’ tot zelfs grotere obstakels maken dan wat je hoe dan ook op dit Pad tegenkomt.
Waar je vervormingen zitten – je beelden, verdrongen gevoelens, onvolwassenheden, kortom: je neuroses - daar zit ook zonde en kwaad. Want achter een neurose zit altijd een karakterstoornis.
In een zogeheten neurose zit in een of andere vorm altijd zelfzucht, hebzucht, trots, lafheid, egoïsme, meedogenloosheid.
Als je ziet wat je doet, hoe je reageert en welke houding je vanuit dat vervormde stuk aanneemt - dat dus niet je ware zelf is - en ziet wat het effect ervan op anderen is, nog afgezien van wat je jezelf aandoet, zul je echt een andere kijk op een en ander krijgen en zul je zien dat het echt mogelijk is om jezelf te accepteren en te vergeven en toch weet te hebben van de ‘zondigheid’ die in je is. Je zult dan niet langer klem zitten tussen de alternatieven van óf jezelf accepteren en aan al je neigingen toegeven, óf berouw en zelfhaat. Op een bepaald niveau van je bestaan is dat je dilemma.
Steeds weer hoor je dat, wat je onvolmaaktheden ook mogen zijn, je moet leren jezelf te accepteren, te vergeven en van jezelf te houden. Maar tegelijkertijd hoor je hoe noodzakelijk het is om jezelf ‘reëel' te zien zodat je verlangen om te veranderen zal groeien. Het verlangen om te veranderen kan alleen maar voortkomen uit een echt en oprecht berouw. Dit geeft je de kracht en de moed om allereerst de blindheid, onwetendheid en onvolmaaktheden die nog bestaan te accepteren, in het besef dat dit alles in wezen karakterstoornissen zijn.
Je durft niet vergevingsgezind tegenover jezelf te zijn uit angst voor je eigen sterke verlangen om aan al je neigingen toe te geven. Je durft ook niet volledig onder ogen te zien wat, ook voor anderen, schadelijk is uit angst voor de zweep van je zelfhaat.
Jezelf vergeven en tegelijk je ‘zonde’ volledig onder ogen zien komt allebei voort uit moed, nederigheid en de wil om voor jezelf verantwoordelijk te zijn. Toegeeflijkheid en zelfhaat daarentegen komen voort uit lafheid, trots, de drang om niet zelf te veranderen maar de wereld te laten veranderen, en een gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel. De splitsing van zowel de positieve als de negatieve neigingen brengt verwarring zoals ook de splitsing van de oorspronkelijke allesomvattende entiteit door de Val totale verwarring en duisternis heeft gebracht.
De twee voorbeelden die ik hier heb gegeven illustreren hoe onjuist de algemeen gangbare opvatting is dat een neiging of eigenschap op zich goed of slecht zou zijn. Dit gaat alleen maar op als je het heel grof en oppervlakkig bekijkt; en dan nog maar tot op zekere hoogte. Over het algemeen gesproken is het niet waar. Iedere neiging of eigenschap was oorspronkelijk - voor er een splitsing ontstond - goed en constructief.
Dit heeft ook misverstanden in de communicatie tot gevolg omdat de ene persoon aan de constructieve kant van de betreffende neiging denkt, waar de ander de negatieve en destructieve kant voor ogen heeft.
Het principe gaat op voor elk ‘goed’ of ‘slecht’ aspect, voor elke eigenschap die er bestaat. Deze verwarring leidt tot misverstanden tussen mensen maar nog veel belangrijker, tot verwarring en conflicten in jezelf. En die maken het op hun beurt nog weer moeilijker om geen vaste regels na te leven of om te rebelleren tegen alles wat constructief is, net zo goed als tegen alles wat in feite op deze wereld verkeerd is.
De smart van het verliezen van een geliefd iemand is een pijn die gedragen moet worden. Op zich is het een gezonde pijn die de ziel niet kan verzwakken als je er maar door heen gaat.
Groei, volwassenheid, ontplooiing maakt dat je in staat bent om, als dat nodig is, tegen datgene opgewassen te zijn wat je niet kunt veranderen. Het maakt het je mogelijk dingen los te laten. Je hoeft je dan niet te onderwerpen aan situaties die je niet per se hoeft te verdragen. Een onvolwassen iemand lukt dat niet en daardoor worden onverdraaglijke situaties een probleem voor hem.
Lees de volledige lezing hier